Posted on Saturday, 11 September
nog maar net wakker wankelt hij door zijn kamer waar hij zo te zien gisteren met zijn handen een klein brandje heeft geblust hij voelt in de gootsteen met zijn hand onder de pan met hardgeworden boerenkool van vorig jaar februari naar een asbak want thuis mag hij sinds kort onder begeleiding weer heel voorzichtig roken en daarna zoekt hij naakt naar die ene reggaeplaat met dat nummer oh het genot van een veelgedraaide plaat de lp het is zijn beste vriend hij ziet aan de groeven precies waar het lekkere stukje begint het mikken met de naald nog gierend van de speed coke of cola light en dan ‘s ochtends altijd een ochtend na weer zo’n avond avonden die hem alleen gebeuren vult zijn gezellige gemeubileerde konijnenhok voor mensen zich met kolkende bubbelende wandelende sluipende ratelende vibrerende eb en vloed klanken de deinende drums de pompende bas flarden gitaar waaien door zijn huiskamer hij wiegt zijn hoofd doet zijn voeten uit elkaar en denkt dit is reggae waar sting van de police godzijdank niets mee te maken heeft sting die met het opnemen van het nummer fragile de eeuwige reggae vloek van jah rastafari immer faitfull immer greatfull burnnalot over zich heeft afgeroepen sting die 9 van de 10 keer wordt gedraaid in crematoria waar tante beef er zo schitterend bij ligt je ziet helemaal niet meer dat ze schreeuwend dood is gegaan ja tante beef is doodgegaan zoals ze leefde dom en schreeuwend naast haar kist zijn wij het met elkaar eens het is voor iedereen beter dat ze er niet meer is we luisteren naar sting het dient in ieder geval een doel je wilt zo lang mogelijk leven om te voorkomen dat dit ongehoorde kudtnummer op jouw begrafenis wordt gedraaid en verder is het de bekende emotie bij iedere kist bij iedere kuil je denkt ja mensen wat zijn we eigenlijk kwetsbaar het kan zo maar opeens afgelopen zijn je besluit snachts te gaan dansen en om het vanaf de volgende dag helemaal anders te gaan doen maar om half tien de volgende ochtend wil je de vrouw vlak voor je in de slagerij die zeventien minuten doet over het uitzoeken van een tartaartje alweer met de harde achterkant van een ananas het leven uit haar hoofd slaan daar staat hij de held van dit gedicht hij wankelt midden in zijn kamer een universum vol met aan elkaar gekoekt vreten en wiegt mee op de bas de bas de bas de bas see mi yah see mi yah see mi yah hij kleed zich langzaam aan ruikt welke trui het minst zuur is snuift aan zijn kruis of de pisstank nog een beetje te doen is en daalt de trap af naar de straat zijn straat een straat vol ramen vol met leven dat hij niet begrijpt te snel te wild te vrolijk hij moet zich vasthouden aan een raamkozijn en het is weer eens zo ver iedereen om hem heen heeft er helaas - dat heeft hij weer - enorme zin in hij herinnert vlak voor zijn deur terwijl hij went aan het zonlicht de keer dat zijn vierde vriendin oh jubel oh vreugde oh genot harp bleek te spelen een instrument dat - en daar zag hij direct de ongekende mogelijkheden van - bij voorkeur door vrouwen wordt bespeeld met de mond open en de benen wijd de harp als een pasgeboren kind tegen zich aan drukkend hij mocht kijken hoe zij alleen voor hem op haar kamer haar wang tegen de harp aanlegde en dat is wat hij vanaf nu zoekt in iedere vrouw zij met haar wang tegen hem aan hij het trillende hout zij de wang hij het hout zij de wang hij het hout hij heeft zo’n zin in 1 trompetje hij heeft opeens zo’n zin in 1 trompetje de straat het licht nu op volle sterkte het gaat te snel het gaat te snel hij wil draadjesvlees het gaat te snel het is te licht het is niet zwaar het is niet loom het is te snel hij wil zuigen op een zuurtje deze straat gaat veel te snel het moet leger het moet rusten het is te snel het is te veel het is te veel het is nooit weinig het is geen boot die langzaam vaart het is confetti tussen je tanden het is te veel het is te snel hij zoekt naar rust hij zoekt naar boten die gaan vertrekken zo heerlijk langzaam er zwaaien mensen de kust beweegt niet deze club wel het is te veel het is te snel het is te schuimend het slaan van deuren muziek uit ieder raam cokehoer linda is in de aanbieding vandaag maar eerst een kroketje kopen bij kroketten van die en die en dan waait vanuit het volgende raam alweer het geluid van dries roelvink dries die de hoes van zijn nieuwe plaat gaat laten fotograferen door anton corbijn en ze zijn er uit het wordt een enorme rottende berg rendier skeletten vlak voor een apenbroodboom met links op de voorgrond dries roelvink wijzend naar de titel van zijn nieuwe cd lach om het leven het duurt toch maar even veel te snel het gaat te snel en hij zoekt wanhopig midden op straat naar houvast naar rust naar een beat naar een beat naar een beat al is het maar 1 heel klein voorspelbaar beatje een heel kleine herkenbare bassdrum hij wil een beat hij wil een beat een beat waarop hij met de kin vooruit door deze straat kan lopen hij wil in godsnaam voor heel even maar wel eens lopen alsof hij precies weet waar hij naar toe gaat het gaat te snel hij wil een beat het gaat te snel hij wil een beat het gaat te snel hij wil een beat een beat een beat een beat hij beweegt ongemerkt zijn heupen het beweegt ademloos kijkt hij naar zijn eigen voeten hij stuurt alles aan zonder dat iemand het weet hij danst hij danst hij wist niet dat hij het in zich had zijn moeder wist het vroeger zeker hij werd een beroemde samensteller van ontbijtkoek ze sprak hem jarenlang toe jongen dat wordt een groeimarkt want iedereen ontbijt zijn lieve moeder inmiddels ook al begraven samen met sting die niet kon voorzien dat niemand meer ontbijt wij slurpen sochtends onze hele dagelijkse behoefte uit een minuscuul flesje slobberen een gedachte die hem razend maakt hoe kennen die witte jassen bij hero fruitdrankjes zijn dagelijkse behoefte alles wat hij wil en dat past in geen enkel flesje is nu hier om hem heen in leeuwarden tijdens liquid hij staat en beweegt hij voelt DJ Jacco in zijn rug pompen hij voelt en de rest daar is hij van overtuigd de rest in dat leven van hem komt helemaal vanzelf het komt allemaal goed